Gezond a la Carte
Samen naar een gezonder Limburg
We kennen allemaal wel een voorbeeld van iemand uit onze familie of buurt die een hartaanval heeft gekregen. We denken hierbij vaak dat dit alleen een ander overkomt en dat we hier zelf weinig aan kunnen doen. Toch zit de vork iets anders in de steel…
Nederland vergrijst de komende jaren sterk, nu al is 15% van de bevolking ouder dan 65 en dit aandeel zal alleen maar groter worden. Dit leidt tot een toename van het aantal mensen met ziekte en functiestoornissen, die het ouder worden met zich meebrengt. Daarnaast hebben steeds meer senioren een ongezonde leefstijl, welke ook tot een toename van gezondheidsproblemen leidt. Een ongezonde leefstijl leidt tot een verhoogd risico hart- en vaatziekten, een van de belangrijkste doodsoorzaken in Nederland. Zuid-Limburg staat in deze aan kop: de jaarlijkse sterfte aan hart- en vaatziekten is in onze regio 14% hoger dan in Nederland als geheel. Dit zou deels te wijten kunnen zijn aan de ‘bourgondische leefstijl’ die in het zuiden wordt nageleefd. Een actief gezondheidsbeleid en voortdurend onderzoek naar de leefstijl van Limburgers moet de regio gezonder maken.

De meeste hart- en vaatziekten ontstaan door vaatvernauwing. Vaatvernauwing is het gevolg van een aantal risicofactoren waar we meer of minder invloed op kunnen uitoefenen. Waar we geen invloed op kunnen uitoefenen zijn risicofactoren als leeftijd (ouderen hebben een hogere kans op hart- en vaatziekten dan jongeren), geslacht (mannen lopen meer risico dan vrouwen) en erfelijke factoren (bijvoorbeeld hart- en vaatziekten in de familie). Risicofactoren waar we wel invloed op kunnen uitoefenen zijn leefgewoonten zoals ongezonde voeding, te weinig bewegen, roken en stress. Aanpak van deze risicofactoren levert een aanzienlijke gezondheidswinst op met een hogere levensverwachting, ook op oudere leeftijd! Immers, voorkómen is beter dan genezen.
Door grootschalige screening van risicofactoren en individueel leefstijladvies kan het aantal hart- en vaatpatiënten binnen onze regio behoorlijk worden gereduceerd, echter de toenemende werkbelasting van huisartsen was tot op heden het grootste obstakel voor de uitvoering hiervan. Daarom hebben het azM en de Zuid-Limburgse huisartsen nu de handen ineen geslagen om de regio gezamenlijk gezonder te gaan maken. Gezond a la Carte richt zich zowel op vroegtijdige signalering (grootschalige screening) van hart- en vaatziekten als op leefstijlbeïnvloeding om de uiteindelijke kans op nadelige gevolgen (zoals bijvoorbeeld een hartinfarct) te reduceren, door middel van online coaching oftewel e-learning.
Tijdens de eerste stap van het programma worden patiënten die, volgens de huisarts, een verhoogd risico lopen op hart- en vaatziekten door slechte leefgewoonten, geselecteerd om deel te nemen aan een online coachingsprogramma. De huisarts meldt de patiënt aan op een daarvoor speciaal ingerichte website voor in principe 6 maanden. Via de website vult de huisarts een aantal medische gegevens in zoals leeftijd, geslacht, BMI en diverse bloedwaarden (o.a. cholesterol). Indien nodig, wordt de patiënt ook medicamenteus behandeld. Huisarts en patiënt besluiten vervolgens samen welk aspect van de slechte leefgewoonten aangepakt gaat worden: roken, stress, ongezonde voeding of weinig bewegen. Wanneer een patiënt is aangemeld op de website, wordt hij via email uitgenodigd om een online vragenlijst in te vullen waarna een persoonlijk advies op maat volgt. Dit advies gaat uitgebreid in op de persoonlijke gezondheidssituatie en leefstijl van de patiënt. Bovendien wordt er een persoonlijk doel gesteld, welke de patiënt in 6 maanden moet proberen te behalen (bv 10 kg afvallen). Gedurende een half jaar zal de patiënt online gecoacht worden door medische experts om zelf aan de slag te gaan dit individueel opgestelde gezondheidsdoel te bereiken. Iedere patiënt krijgt een persoonlijke website waarop zijn of haar persoonlijke adviezen zijn terug te vinden, evenals een overzicht van de behaalde resultaten in grafiekvorm. Daarnaast zal tijdens het gehele proces de patiënt door middel van email en nieuwsbrieven gestimuleerd worden deel te nemen aan de ‘online community’ op de website. Hier vindt de deelnemer o.a. persoonlijke blogs en ervaringen van medepatiënten, waardoor het gevoel ontstaat dan men niet alleen is, maar dat men samen een doel probeert te bereiken. Op deze manier zullen patiënten veel voor elkaar kunnen betekenen. Dit kan variëren van hulp bij het vinden van een wandelmaatje in de eigen buurt, opzetten van kookclubs, uitwisselen van recepten of ontspanningsmethoden, tot iemand die helpt bij het boodschappen doen. Het is dus een ware vorm van ‘social networking’; een leuke en hippe manier om de eigen gezondheid te verbeteren.
Het preventieprogramma Hart- en Vaatziekten zal op een volledig nieuwe wijze, patiënten een zelfstandige manier geven om persoonlijke gezondheid en leefstijl in eigen tempo te bevorderen met behulp van medische expertise.
- Eerste volledig onderhuidse ICD’s geïmplanteerd in Maastricht UMC+
Onlangs zijn cardioloog dr. J. van Opstal en dr. G. Geskes van het Maastricht UMC gestart met het volledig subcutaan (onder de huid) aanbrengen van Implanteerbare Cardioverter-Defibrillatoren (ICD’s). - Hartklep vervangen via de halsader
Een cardiothoracaal chirurg en een cardioloog van het academisch ziekenhuis Maastricht (azM) zijn er onlangs in geslaagd via de halsader een nieuwe biologische (tricuspidalis)hartklep te plaatsen bij een 74-jarige vrouw. Deze route is niet eerder toegepast. - Hypertensie centrum Maastricht UMC+ centre of excellence
Het Maastrichtse hypertensie centrum is het derde centrum dat zich centre of excellence mag noemen van de European Society of Hypertension. Dat wil zeggen dat wordt voldaan aan de criteria op het vlak van het aantal patiënten, diagnose-faciliteiten, fundamenteel onderzoek en therapie-onderzoek. - AF-polikliniek boekt goede resultaten
Patiënten die worden behandeld aan de hartritmestoornis boezemfibrilleren in de speciaal daarvoor opgezette polikliniek van het azM / Maastricht UMC+ hebben betere vooruitzichten dan patiënten die de gebruikelijke zorg krijgen. Dat blijkt uit onderzoek dat dinsdag 5 april 2011 is gepresenteerd tijdens het 60e congres van het American College of Cardiology in New Orleans.


